logo
 
zoek
    print
 
 
NL  »  Landen  »  Overzicht Nederlands-IndiĆ«  »  Piano-vioolduo Lili Kraus en Szymon Goldberg  »  1943-1945: kampjaren Kraus, hereniging Kraus-Goldberg
 

1943-1945: kampjaren Kraus, hereniging Kraus-Goldberg

Lili Kraus werd een paar dagen na haar concert op 26 juni 1943 in Batavia gearresteerd door de Kempei Tai, de Japanse Gestapo, in Batavia. Haar man Otto Mandl meldde zich om de plaats van zijn vrouw in te nemen, maar werd eveneens vastgezet. 

Direct na de capitulatie van Nederlands-Indië werden velen, vooral invloedrijke notabelen en hun echtgenoten, ondervraagd. Tijdens verhoren werden verklaringen regelmatig afgedwongen, zonodig onder bedreiging van mishandeling en marteling. Dit gebeurde uiteraard zonder enige rechtsgang. Menigeen heeft het verblijf bij de geheime politie dan ook niet overleefd. De Japanners waren vooral uit op gegevens over mogelijke contacten met de geallieerden, nieuws en spionage. Lili Kraus werd opgepakt op valse beschuldiging van deelname aan een verzetsgroep in Batavia. Deze bestond vooral uit mensen met informatiegevoelige posities, onder wie radiomedewerkers, en was geformeerd rond de vrouw van de gouverneur-generaal.

Lili Kraus: "Then my shoes were taken away from me and I was led to an underground jail where there were three small cells, like kennels, two for men, one for women. Fifteen women were in the cell when I was ordered to crawl into it. One woman I knew, she was Christine van Starkenborgh. [...] It was fortunate they had only this charge against me, for if they had known what my husband and I had done, they probably would have killed us: we had a hidden radio, we were harbouring goods for the Dutch already in prison, transporting money from camp to camp, smuggling letters from wives to husbands. [...] They did not beat him [Otto], but from his cell – it was three cells farther than my own – there was such yelling, heard every night, that I thought I really died there. I never knew for sure that my husband was not among them. The people whom they beat so mercilessly were mostly their own people who would be caught either drunk or fraternizing or who knows what. I never became used to the yelling and cries of pain that echoed through those subterranean cells. I would sit with my hands over my ears to help shut out the screams. I imagined that Dante’s Inferno was a tea party compared to this place."

Lili Kraus, haar man en de Tjarda’s kregen geen lijfstraffen. Wereldkundigheid in het geval van vooraanstaande en internationale persoonlijkheden, zo dachten de Japanners, zou als anti-propaganda hebben kunnen werken. Na de Kempei Tai volgden voor Lili nog zeker vier kampen. Eerst Struiswijk in Batavia, onder meer voor vrouwen en kinderen van geallieerde nationaliteiten. Haar kinderen, Ruth en Michael, waren door ingewikkelde omstandigheden in een Bandoengs vrouwenkamp achtergebleven: "For a year I did n’t know if my husband and children were alive, a year". Er was muziek: "To hear 365 times the Japanese national anthem played on a gramophone as they raised the flag and think tat to the end of my days... It was such a tin-tone thing, with no fundamental key, and it ended just somewhere o none arbitrary note. O, God, I hated it." 

Ze slaagde erin om van de nood een deugd te maken: "I knew I had to make the choice. Either I would deteriorate or I could make this experience the treasure fund of my life by falling back wholly on whatever I had within myself. I chose to cling to God. [...] I was consumed by the desire to sit down at the piano and play and play. This longing almost drove me mad. So I resorted to a kind of ‘recall’ from the subconscious realizing that I had to materialize all the music within me – the composition and the projection – silently. I worked so hard at doing this that scores and technique, which seemed to have been burning many fathoms deep, now appeared so real, so present, that I knew that if I were seated before a piano I could play pieces I hadn’t practiced since childhood and in doing so discover new wonders that never seemed so apparant before. [...] I concentrated on the work I had to do. And as I worked I played music in my mind."

Concert Kamp Tanahtinggi, kerstmis 1943: What a merciful madness
Het volgende kamp, Tanahtinggi, een jeugdgevangenis buiten Batavia, brengt enig soelaas, Aan de bemoeienis van commandant Kondo dankt Lili een uur pianospelen in de week. Het is dan kerstmis 1943. "It was as if a crystal source had sprung up from the sand of the Sahara before a man who had spent days and days wandering Plattegrond vrouwenkamp Tanahtinggi
Plattegrond vrouwenkamp Tanahtinggi
in the desert; I just poured over that piano and without any music I played on and on with my whole heart, in pain and in joy. I don’t even remember how long, but I don’t recall repeating any piece, nor do I rememer making any mistakes while playing them. It was as if I could play anythingand every thing known to man – what merciful madness. As I left the building I saw that scores of women had stopped at their work. Others had come out of their cells. The guards had lowered their rifles. They had been listening. I hoped I had given them the same peace I had received. That night and for the next few days, an unusual quietness settled upon the camp. Theere was less dissension among the women. The guards were less brutal, less threatening. The work went easier."

Daphne Jackson, één van de geallieerde vrouwen, bevond zich in het publiek: "Another internee brought in late was Lili Kraus, the famous Hungarian pianist. After fifteen months we were starved of beauty in any form, and some of us asked Mrs. Tjarda to try to get the Japanese to agree to our having a concert, but she refused. In fact, she had apparently heard that her husband was one of those taken to Japan, which may have decided her it was better to keep out of it. Eventually permission was given. It was near Christmas 1943, and though most of us tried not to think of it, we were all feeling pretty miserable and ill too. The concert was given in the huge room we used as a foodserving hall. It had walls with barred windows high up and the rafters were hung with cobwebs and filth, which we could not reach to clean. An old upright piano was brought in for Lili, and all who could leave their children and were well enough came and squatted on the broken tiled floor. Outside it was cold and wet, but inside we soon become to steam and get warm as we crouched close together in the gloom. Lili came in and set at the piano, which was lit with two guttering candles which threw eerie shadow over the huge barn like building. Her back hair hung, as usual, in thick plaits over her shoulders, and she looked more gypsy-like than usual. She played, I don’t remember what, and there was complete silence. When at last she came to an end it began time for uw to shut in for the night, we got up and walked silently away, many women crying bitterly."

Kamp Tangerang, hereniging met Goldberg
Na Tanahtinggi werd Lili Kraus in de loop van 1944 overgeplaatst naar het nabijgelegen Tangerang, naar een voormalig tuchthuis voor jongens buiten Batavia. Hier zaten vrouwen en kinderen van Britse, Amerikaanse en joodse afkomst, van vrijmetselaars en prominenten bij elkaar. Szymon Goldberg kwam er bij zijn vrouw Maria, Lili bleef alleen. Het was hoogst uitzonderlijk, een man in een vrouwenkamp. Als vanzelfsprekend speelden ze weer samen. 


Medegevangene Lydia Chagoll schijft: 'Het afzonderen van vrijmetselaars was evenals de afzondering van Joden het gevolg van de invloed van de nazi’s op de Japanners. Vrijmetselaars en Joden waren één pot nat. [...] De uitzonderlijke positie van de G’s (Goldbergs) was voor de meeste vrouwen een doorn in het oog. Op de dokter na waren de Europese mannen vanaf 10 jaar uit dit kamp verbannen. Alleen de Japanners, de vijanden, vertegenwoordigen het mannelijke geslacht. Indien er wel met aandacht naar het samenspel van de G’s geluisterd werd wanneer zij een concert moesten geven, heerste er toch een zekere jaloersheid jegens het echtpaar. De typische reactie van ‘wij wel en wij niet’ was opvallend. Van een dokter kon men het nog aanvaarden dat hij zijn vrouw bij zich had. Van een kunstenaar viel het moeilijker te slikken. Zouden die vrouwen in Tangerang nu werkelijk gewild hebben dat mevrouw G, evenals de echtgenote van de dokter, in zalen lagen zoals zij, en dat de violist S.G. en de dokter samen één kamertje deelden? Begrepen zij het echt niet, wensten zij niet te begrijpen dat de G’s eigenlijk misbruikt werden voor Japanse propaganda en uitsluitend voor dat doel moesten dienen? Ik heb gezien hoe de Japanners S.G. fotografeerden en filmden met en zonder viool, met en zonder echtgenote en hoe hij moest poseren met handschoenen aan en met een harkje om bloembedden te bewerken. Dat hadden de anderen toch ook moeten zien.' Deze foto’s en films zijn nooit gevonden. 


Ländler, op. 18 (Schubert), Lili Kraus (piano); Parlophone/Odeon R20390, 1938

Lili speelt in Tnangerang (tekening Miep Bakker, collectie Museon)

Lily mocht volgens getuigen spelen op een oude ‘honky-tonky’ piano. Kondo had hier wederom voor gezorgd. Daphne Jackson, nu ook uit Tanahtinggi, vervolgt haar verhaal: "One great relaxation in Tangerang for me was to listen to Lili Kraus, who of course had come with us, practicing each morning in a shed of the parade ground. I always tried to get through my work so that I could go and sit near the shed to listen to her for a short while. It was forbidden by the Japanes, but with a little care it was quite possible, and well worth the risk. On two moonlight evenings Lili was again allowed to give two concerts in Tangerang, and the side of the motionless crowd squatted on the ground was quite unforgettable. I do not believe she, or any other great artists who gave concerts in internment camps, will ever have more appreciative audiences."

Hereniging van de families
Toen volgde in mei en juni 1944 een onverwachte, aangename verrassing: complete hereniging van beide families. De kinderen Ruth en Michael, de laatste ondanks zijn dertienjarige leeftijd niet naar een mannenkamp, werden overgebracht vanuit Bandoeng. In het gezinskamp voor Nipponwerkers, Kramat, was huize Mandl-Kraus een garage, en tot het schamele meubilair hoorde een piano. Hereniging, privacy en een piano, een ongekende luxe. Logischerwijs zou weer duo gespeeld worden. Maar door onderlinge spanningen waren de families al snel niet langer ‘on speaking terms’ en bijgevolg niet ‘on playing terms’.

Tekst, illustraties, historische muziekopnamen: Frans Schreuder