logo
 
zoek
    print
 
 

Klassiek repertoire

Op 25 november 1940 riep de kampleiding van Westerbork een symfonieorkest in het leven. Een groot deel van deze Gruppe Musik Lager Westerbork bestond uit leden van het Concertgebouworkest in Amsterdam, bijna de helft hiervan was in het kamp terecht gekomen. 


Orkestbak Grote Zaal Kamp Westerbork (bron: Herinneringscentrum Kamp Westerbork)
Orkestbak Grote Zaal Kamp Westerbork (bron: Herinneringscentrum Kamp Westerbork)
De Gruppe Musik zou de drijvende kracht worden achter het muzikale leven in kamp Westerbork. Het symfonieorkest telde dertig tot veertig leden, dirigent Heinz Neuberg werd aangesteld als leider. In grote zaal van het kamp gaf het orkest talloze uitvoeringen. Ook werd kamermuziek met begeleiding van een koor uitgevoerd. Naast Neuberg dirigeerde ook Sal Dwinger, violist van het Gronings Orkest. In kamp Westerbork mocht alleen muziek van joodse componisten zoals Bloch, Mendelssohn, Mahler en Saint-Saëns worden gespeeld. Een bizar fenomeen, omdat deze componisten buiten het kamp juist als 'ontaard' in de ban waren gedaan. Klassiek toneel behoorde eveneens tot de programmering van de Westerborkse schouwburg, met onder meer in november 1940 de Midzomernachtsdroom van Shakespeare op muziek van Mendelssohn.

Lichte muziek op zondagavond
De Gruppe Musik zorgde ook voor een bandje dat op zondagavonden in het najaar van 1943 populaire muziek speelde. Dit gebeurde in de hoek van de grote zaal waar een klein café was geopend. Uit de aanwezige musici werd ook het revueorkest samengesteld, dat in de woorden van saxofonist en klarinettist Rudolf Blik "klonk als een klok". Blik speelde in een vijftigtal uitvoeringen van de kamprevue.

In de zomer van 1943 beval kampcommandant Gemmeker plotseling dat er een einde moest komen aan de klassieke muziekuitvoeringen. Hij was kwaad geworden door de geruchten dat hij de audities van zijn favoriete cabaret zou bevoorrechten. Kampverordening nummer 42Symfonieorkest in het kamp (bron: Herinneringscentrum Kamp Westerbork)
Symfonieorkest in het kamp (bron: Herinneringscentrum Kamp Westerbork)
zou een einde maken aan het voorgenomen zondagsconcert en dreigde zelfs de opvoeringen van klassieke muziek in zijn geheel stop te zetten als de geruchten zouden aanhouden. Klassieke muziek was volgens Gemmeker ook te vermoeiend voor mensen die de hele dag moesten werken. Maar in feite hield de commandant niet van klassieke muziek. Zijn voorkeur ging uit naar 'licht' boven 'zwaar' amusement.

Ida Simons-Rosenheimer
Een bekende in het genre klassieke muziek van kamp Westerbork was de getalenteerde concertpianiste Ida Simons-Rosenheimer (1911-1960). In 1930 startte haar veelbelovende carrière en trad ze vaak met belangrijke Nederlandse orkesten op, waaronder het Residentie Orkest en het Concertgebouworkest. Ook werkte ze als begeleidster en kamermuziekspeelster. Het gezin Simons behoorde in de oorlog tot de zogeheten Barneveldgroep, die bestond uit 645 joodse burgers die vanaf 1942 een zekere bescherming genoten van de Duitse bezetter. Ida Simons kwam met haar gezin in maart 1943 in kasteel de Schaffelaar in Barneveld terecht. Het volgende onderkomen werd kamp Westerbork, waar de familie Simons van september 1943 tot september 1944 zou blijven. In Westerbork speelde ze onder andere met de prominente violist Herman Leydensdorff.

In juli 1944 nam Simons-Rosenheimer deel aan de allerlaatste muziekuitvoering in het kamp. Het was een kamermuziekavond met onder andere de sopraan Erna Eisner, de cellist Maurice Cantor en violist Sam Tromp. Op 4 september 1944 werd Simons-Rosenheimer met haar gezin op transport naar Therresiënstadt gezet. Ook daar heeft ze veel gemusiceerd en opgetreden. Toen de geallieerde troepen naderden lieten de Duitsers haar met haar gezin, ook om ‘humanitaire’ redenen, begin februari 1945 met een eenmalig transport naar Zwitserland vertrekken. Na de oorlog gaf ze nog enkele concerten, maar het beroep van concertpianiste werd te zwaar. Wel componeerde ze nog cabaretliedjes en debuteerde in de jaren vijftig als dichteres en schrijfster.

Lex van Weren
Trompettist Lex van Weren kwam in de herfst van 1943 als 'strafgeval' in Westerbork aan. "Willy Rosen kwam te weten dat ik daar verbleef en via zijn goede connecties in het kamp en met de Duitse commandant kreeg hij mij al snel vrij. Mijn trompet hTrompet Van Weren in Herinneringscentrum Kamp Westerbork
Trompet Van Weren in Herinneringscentrum Kamp Westerbork
ad ik bij me en de volgende dag speelde ik al in het kamporkest van Westerbork." Lex van Weren kwam in Auschwitz terecht en heeft zich met zijn trompetspel in leven kunnen houden.

Nederlands muziekleven Theresiënstadt
Veel musici die in Westerbork hadden gespeeld waren ook actief in het rijke muziekleven in Theresiënstadt. Daar dirigeerde Leo Pappenheim een orkest met violisten als Sam Swaap, Herman Leydensdorff, Siegfried de Boer en Sam Tromp. Ook Ida Simons-Rosenheimer trad met hen op. In de herinnering van oud-kampgevangene Ralph Prins is nadrukkelijk sprake van een Nederlands muziekleven, dat hij vooral associeert met kamermuziekuitvoeringen. Daarnaast werd ook lichte muziek uitgevoerd, onder meer door het Hans Feith Swing Quintet waarin Rudolf Blik saxofoon speelde. Wekelijks trad het ensemble op met songs en dansnummers, waaronder de Tiger Rag. Veel Theresiënstadt-musici maakten de bevrijding mee.

Tekst: Dirk Mulder, Ben Prinsen